Het trieste lot van de sjuten van Spakenburg

Sinds 2015 toeren we met de boot door Nederland. Onze eerste vaartocht voert door Overijssel. We vallen van de ene verbazing in de andere. Over de imposante bebouwing van Vollenhove, de massieve zeesluis van Blokzijl, het dijkdorp Kuinre. Geweldig! Inmiddels zijn we bijna heel Nederland door gevaren. Onderweg verzamelen we bijzondere verhalen. Dit is het verhaal van het trieste lot van de sjuten van Spakenburg.

Spakenburgse botter

Een sjuut is Spakenburgs voor een botter, het schip waarmee de vissermannen de Zuiderzee afzochten naar vis. In de hoogtijdagen, zo rond 1900, lagen er zo’n tweehonderd van die sjuten in de Utrechtse havenstad.

Gerestaureerde botters in de haven van Spakenburg in 2015
Afsluitdijk

Maar dat was vroeger, vóór de tijd van de Afsluitdijk en de IJsselmeerpolders. Inmiddels zijn er nog maar een paar vissers over. De meeste gingen noodgedwongen op zoek naar ander werk. En waar hun botters zijn gebleven? Daarvoor hoef je niet ver te zoeken…

Onder de blauwe bullets liggen de sjuten. Je kunt ze bekijken op Google Maps, dankzij Pieter de Vos
Sjutenkarkhof

Misschien waren we wat afgeleid door de naturisten aan de kant van Flevoland. Of werden we in beslag genomen door de groene waterplantenwaas op de Randmeren. Nooit hebben we iets gezien aan het water van het Eemmeer. Maar ze liggen er wel. Voor de Spakenburgse havenmond. Op het Sjutenkarkhof. Afgezonken door hun eigen vissers.

De BU 39 voor de kust van Spakenburg. Foto: Pieter de Vos, dedarp.nl
Drama en verdriet

Sjutenkarkhof. Kauw eens op dat woord. Je proeft oneindig drama. En verdriet. En opluchting misschien? Toen in 1932 de Afsluitdijk werd gedicht zagen de vissers van de Oostwal het nog niet zo somber in. Ook nog niet toen de Noordoostpolder (1942) en noordelijk Flevoland (1957) werden ingepolderd. Dat kwam pas elf jaar later. Toen viel ook Zuidelijk Flevoland droog, zoals je kunt zien in dit filmpje van Omroep Flevoland met beelden uit die tijd van Polygoon-Profilti.

Geen lust maar last

De visgronden waren verdwenen en daarmee ook de broodwinning van de vissers. Geen geld meer voor eten en dus ook geen geld meer voor het onderhoud van de botters. Daarmee werden de schepen geen lust meer, maar een last.

Bij deze delen wij U mede, dat in de havens geen botters gesloopt mogen worden. Sloping van botters mag alleen plaats vinden nabij de havenmond – ten Oosten -. Indien botters niet meer in de vaart zijn, dan dienen deze een ligplaats te worden gegeven nabij de scheepswerf van Gebroeders Zijl.

Getekend Burgemeester en Wethouders – dedarp.nl

Sommige botters hadden geluk, ze werden verkocht aan pleziervaarders. Van veel andere schepen werd het bruikbare hout in de kachel gegooid. Wat er dan nog van het schip over was, werd naar een ondiepte in het Eemmeer of Nijkerkernauw gevaren en daar afgezonken. Zo ontstond het botterkerkhof. Bij laag water kun je nog zo’n 25 wrakken zien.

Botterwrakken bij het Zuideinde. Foto: Zuiderzeemuseum/Siebe Jan Bouma
Markt of fabriek

Wat gebeurde er met de vissers? Wie net zoals wij graag naar de markt gaat, herkent de namen vast: veel vis- en broodkramen worden gerund door voormalige Spakenburgse vissersfamilies. Vroeg op en de hele dag in de buitenlucht: het bleek een goed alternatief voor het vissersbestaan. Andere vissers gingen naar het nieuw opgerichte Polynorm, een fabriek die prefabhuizen fabriceerde. Of ze gingen naar de sigaren- of de schoenenfabriek.

Voormalige vissers aan de slag in de schoenenfabriek. Afbeelding: Katholieke Illustratie
Bovenop een sjutenwrak

Pleziervaarders die Spakenburg aandoen, komen vaak in de Nieuwe Haven terecht. Dat was ooit de botterhaven die gebruikt werd door de plaatselijke visserijvereniging De Eendracht. Toen die in 1964 werd opgeheven, werden zowel naam als haven overgenomen door de watersportvereniging. De laatste keer dat we Spakenburg aandeden, mochten we overnachten aan de pier van WSV De Eendracht. En als we Google Maps mogen geloven, hebben we daar bovenop een sjutenwrak gelegen…

Botters en andere Zuiderzeeschepen tijdens een zeilwedstrijd op de Randmeren. Foto: Wikipedia/Darp
Botterbehoud

De wrakken blijven liggen waar ze liggen. Volgens deskundigen blijven ze onder water het beste bewaard. Van de botters die niet op het Sjutenkarkhof zijn beland, kwamen de meeste in handen van liefhebbers. Er is zelfs een Vereniging Botterbehoud, die al in 1968 werd opgericht om de voormalige Zuiderzeevloot in originele staat voor het nageslacht te bewaren. En in Spakenburg zijn ze aan het goede adres: daar staat de enige botterwerf van ons land.

Marieke Rosier, Assen juni 2020

Bronnen:

Het oude lighthouse op het nieuwe land

Sinds 2015 toeren we met de boot door Nederland. Onze eerste vaartocht voert door Overijssel. We vallen van de ene verbazing in de andere. Over de imposante bebouwing van Vollenhove, de massieve zeesluis van Blokzijl, het dijkdorp Kuinre. Geweldig! Inmiddels zijn we bijna heel Nederland door gevaren. Onderweg verzamelen we bijzondere verhalen. Dit is het verhaal van het oude lighthouse op het nieuwe land.

Intens blauw

Een tocht die grote indruk op ons maakt is die vanuit Zwartsluis over het Zwartewater het Zwarte Meer op. Het grote, open water is niet zwart maar intens blauw, hoe ver je ook kijkt. Met ons sloepje zijn we onderweg naar Vollenhove. Onder water, vlak naast ons, liggen de verdronken restanten van strekdammen die tot 1948 de vaargeul naar Zwolle beschermden. Maar dát weten we dan nog niet.

De strekdammen waartussen de schepen veilig naar het Zwartewater konden varen. Foto: Screenshot Topotijdreis.nl
Kraggenburg

Aan het eind van die kilometers lange strekdammen lagen de vluchthaven met daarnaast lighthouse Kraggenburg. Met de aanleg van de Noordoostpolder werden ze overbodig. Maar waar de strekdammen werden opgeslokt door land en zee, bleef het lighthouse staan waar het stond: op een terp, hoog uitstekend boven het vlakke polderland.

Kraggen zijn pakketten van dicht in elkaar gegroeide wortels van riet en waterplanten. Ze werden bij de bouw van de strekdammen gebruikt als onderlaag. Omdat dit een goedkope bouwmethode was, kreeg het havencomplex de spotnaam ‘Kraggenburgt’.

Parel van de Zuiderzee

Niet te zien als je er over het Kadoelermeer voorbij vaart, maar wel interessant voor ons watersporters. Want vanaf jachthaven Voorstersluis en WSV Kraggenburg is het maar een klein stukje fietsen naar deze overgebleven parel van de Zuiderzee, die sinds de bouw van het dorp Kraggenburg in de Noordoostpolder Oud-Kraggenburg heet.

Met basaltblokken omkleed liggen dam, lichtopstand en lighthouse in het vlakke polderland
Lichtopstand

Aan het begin van de strekdammen stond een zogenoemd lichtopstand, waarvan je de gerenoveerde versie op de foto hierboven ziet staan. Dat licht moest de schippers veilig tussen de strekdammen loodsen. Pas als die onder water stonden, werd het rode licht op het dak van het huis aangestoken. En als het dan ook nog eens heel mistig was, werd de mistbel geluid. Maar dat was niet de enige taak van de havenmeester.

Kraggenburg nog in volle glorie omgeven door de Zuiderzee. Foto: Collectie Wim Kuyper
Tolgeld

Hij moest namelijk ook het tolgeld innen voor het binnenvaren van de strekdammen. Tot woede van vooral de binnenschippers van Genemuiden, Zwartsluis en Hasselt. Ze hadden die strekdammen helemaal niet nodig en weigerden dan ook de tol te betalen. Deurwaarders die de niet betaalde belasting kwamen innen, werden zelfs mishandeld.

Kraggenburg in de net drooggevallen polder. Foto: Collectie Wim Kuyper
Derde zeehaven

Waarom eigenlijk die strekdammen aan weerszijden van een al bestaande vaargeul? Dat gebeurde op initiatief van Zwolle. De stad, in die tijd nog niet verbonden met de IJssel en dus afhankelijk van het Zwartewater, wilde de derde zeehaven van Nederland worden.

Stoomboten varen langs Kraggenburg. Foto: Collectie Wim Kuyper
Meer diepgang

Om de ambities van Zwolle waar te maken moesten het Zwartewater en de vaargeul het Zwolse Diep bevaarbaar worden voor schepen met meer diepgang.  De nieuwe strekdammen hadden als doel verzanding tegen te gaan en de vaargeul op diepte te houden.

Oud-Kraggenburg middenin de polder. Langs de rechtse gele lijn liepen de strekdammen. Foto: Screenshot Topotijdreis.nl
Parlementaire enquete

De rekening voor de aanleg van die strekdammen en het havencomplex werd via de tolheffing op de schippers afgeschoven. Maar die voelden er helemaal niets voor om te betalen voor aanpassingen die ze met hun ondiepe scheepjes dus helemaal niet nodig hadden. Het conflict mondde uit in de Zwolsche Diepkwestie, die leidde tot de eerste parlementaire enquete van Nederland.

De grote onvrede leidde in 1849 zelfs tot oprichting van de eerste vakbond van Nederland: het Schippersverbond. Deze bond zou later uitgroeien tot de landelijke schippersvereniging Schuttevaêr.

Monumentendagen

Het lighthouse is niet open voor publiek, alleen tijdens de Open Monumentendagen mag je binnen een kijkje nemen. Maar naast de ingang staat een bankje, waar je tijdens je fietstocht of wandeling even rustig kunt zitten om de bijzondere sfeer te proeven!

Tip: Je komt vlak langs oud-Kraggenburg tijdens de Canicula vaarroute Rondje Zwartsluis-Blokzijl-Vollenhove-Zwartsluis. Aanrader!

Varen met de Canicula - De populairste vaarroutes

Bronnen: Canon De Noordoostpolder, Canon van Zwartewaterland, Schokland door de eeuwen heen, Emmeloord.info.

Blog: Rondje Dordt

Met de boot lig je vaak op de mooiste plek van de stad. Jachthaven Maartensgat in Dordrecht is zo’n plek. Schilderachtig gelegen, aan de voet van de Grote Kerk. De klok slaat vijf als we binnenvaren.  

De oudste stad van Holland telt 1600 monumenten lees ik op internet.

We willen ze allemaal zien! 

Ik tik op Google ‘stadswandeling Dordrecht’. Stadswandelingen genoeg! Eerst naar de VVV.  Die is gesloten. Natuurlijk. Het is zaterdagavond en op zondag is-ie ook dicht.

Maar op de website is vast wel een stadswandeling te vinden! 

Na een muisklik of vijf krijg ik een kaartje met zeven historische plekken. Dat is alvast wat. Ik zoek verder op de website. De stadswandeling staat vast op de pagina Zien & Doen! 

Huh? Duurzaamheidscentrum Weizicht? Een moestuin bij Villa Augustus? Een tapasbar? Ik wil gewoon een stadswandeling! Ik zoek verder. En dan vind ik het:

Stadswandelingen op te halen bij de balie van de VVV…

Maar de balie is dicht! En morgen varen we verder! Een andere website dan?

Zucht…
112 euro… met een groép! We zijn maar met z’n tweetjes!?

Dan gaan we zélf wel op zoek naar de highlights van Dordrecht. We stappen van boord. Yes! Een wegwijzer. Mét:

Helaas. Halverwege de Nieuwe Haven houden de Rondje-Dordt-bordjes op. We lopen nog een stukje verder en stappen zomaar een straatje in. We komen langs het stadhuis. En het pand van de Gulden Os aan de Groenmarkt. En dan zijn we ineens weer bij de jachthaven. 

Moeten we nog niet even terug? Ik twijfel. Maar m’n voeten doen zeer en een koud biertje lonkt.

De volgende dag varen we wat teleurgesteld verder. Richting Biesbosch, langs de kade van Dordrecht. ‘Stop!’ roep ik. ‘Dáár zijn we helemaal niet geweest!’

De Groothoofdspoort in Dordrecht - De Canicula

De kapitein zegt, met de-blik-op-vooruit:

“Een hele goede reden om terug te komen”

Een uurtje later varen we de Biesbosch binnen. We kijken rond in het bezoekerscentrum. En dáár zie ik ze liggen. Stápels. 

Ik neem er alvast eentje mee. Voor de volgende keer.

Dit stukje is bijna klaar als we in Culemborg aankomen. Na betaling van het havengeld geeft de havenmeester van jachthaven De Helling me een tasje. Het zit vól met informatie over de historische stad. En een stadswandeling. Na het eten maar es even een ommetje doen! 

Blog: Met de boot naar Hollands Siberië

Heeft ook jouw overgrootvader de grond in Veenhuizen met de hand omgespit?  

De Canicula in Veenhuizen
Het Tweede Gesticht in Veenhuizen

Waar? Ja, je leest het goed. De grond bewerkt rond de dwangkolonie Veenhuizen. Terwijl jouw overgrootmoeder moest spinnen. Of wassen. Of honderden kilo’s aardappelen schillen. Zwaar werk. Ver weg in Drenthe. Veenhuizen werd daarom ook wel Hollands Siberië genoemd. 

De plaats waar vroeger bedelaars uit heel Nederland naar toe werden gestuurd.

Hoe ze daar kwamen? Met de boot vanuit Amsterdam, over de Zuiderzee naar Blokzijl. Van daar naar Assen voor registratie en verder over de Kolonievaart naar Veenhuizen. Een geschiedenis waarvan nog steeds veel te weinig mensen weten.

Dit is die Kolonievaart. Duizenden, misschien wel tienduizenden mensen zijn er met trekschuiten doorheen vervoerd. 

De Canicula op de Kolonievaart in Veenhuizen

De vaart ligt langs onze favoriete route naar de Canicula. Als we er langs rijden zie ik in gedachten die duizenden arme sloebers in trekschuiten voorbij komen.

Vaders, moeders en kinderen in hun grauwe kleren, voor de meeste mensen enkele reis. 

Met de trekschuit naar Veenhuizen. Bron: Drents Archief.

Nu is Veenhuizen een gevangenisdorp met échte gevangenissen. Ook Willem Holleeder alias De Neus zat er opgesloten. Er staan prachtige gebouwen. Eén van de mooiste is het Tweede Gesticht, bijna 200 jaar geleden gebouwd voor bedelaars en hun gezinnen. Het Nationaal Gevangenismuseum zit er nu.

De kolonie is in de race voor een plek op de Werelderfgoedlijst van Unesco. 

Door de lage vaste bruggen en de dammen kun je er met de boot al lang niet meer komen.

Maar wat zou het geweldig zijn als we, net als de paupers, weer van Assen naar Veenhuizen kunnen varen.

Om met eigen ogen het resultaat van de noeste arbeid van onze voorouders te zien. Naast een fantastische extra attractie voor de watersporter ook een toeristische kans om Veenhuizen nog beter op de kaart te zetten.

Met de boevenbus én de boevenboot.

En dan mogen wij gelukkig wel weer naar huis…. 

Zij (nog) niet…

Meer weten? Lees dan het boek Het Pauperparadijs van Suzanna Jansen.

En wil je weten of jij ook afstamt van een Drentse pauper? Net zoals Willeke Alberti, Alexander Pechtold en één miljoen andere Nederlanders? Je kunt het vinden in het Drents Archief

Zo werkt de nieuwe database

Blog: Een kleine boot in een hele grote sluis

Langzaam gaan de sluisdeuren achter ons dicht.  We zitten opgesloten in de Friese sluis.

Vóór de boot zwemt een kikker heen-en-weer, wanhopig op zoek naar de uitgang.

P. en ik kijken elkaar aan. Laat degene die ons binnen heeft gelaten ons er ook weer uit?

Het is 2015. Het is de eerste dag dat we met de Corsiva op stap zijn. Een sloepje van 4 meter 75. We hebben de boot in Munnekezijl van de trailer laten glijden en zijn op avontuur in de Groningse wateren.  We moeten alles – echt alles – nog leren. Eén groot spannend avontuur. 

De koelbox zit vol met lekkere hapjes, rosé en bier. Veel bier.  

Gelukkig worden we niet in de steek gelaten in die Friese sluis. We komen nog veel meer sluizen en bruggen tegen. En hoe klein ons bootje ook is, ze gaan allemaal voor ons open en óók nog eens weer dicht.

Wát een organisatie, met al die camera’s, brugwachters en sluiswachters.  

“Zien we eindelijk wat van ons belastinggeld terug”, zeggen we tegen elkaar. 

Het is 2017. We lopen langs de Blokzijlersluis. In de sluis ligt een kano. Helemaal alleen.

Ik deel de foto op facebook. Een hoop commotie volgt…

1 miljoen kuub water schutten voor zo’n klein bootje is misdadig! Het is waterverspilling! Til die kano op en lóóp over die sluis!

Dan komt iemand bij z’n verstand: “Niet zeuren jongens, dat water wordt niet verspild, maar gewoon verplaatst!” 

En dan zegt weer iemand anders: “Het moet toch niet zo zijn dat grote boten meer recht hebben, er is al genoeg discriminatie op deze wereld”.

Bedankt! Dat is waar ik heen wil. Want:

hoe klein je bootje ook is, bruggen en sluizen gaan in Nederland voor iedereen open.

Ook voor die ene, wanhopige kikker in de Friese sluis. Die zwom, net als wij, de vrijheid tegemoet.

Ik hoop dat-ie geen ooievaar is tegen gekomen….

Blog: Klopjacht op een kapitein

Ik heb me voorgenomen dat dit geen zeurblog wordt!

Ik ga het dan ook niet hebben over douches in jachthavens. Douches waarvan je zeker weet dat de eigenaar van de jachthaven er nog nóóóit onder heeft gestaan. Want anders zou hij er geen euro voor durven vragen. Maar in plaats daarvan geld toe betalen aan z’n gasten.

Gelukkig zijn er ook uitzonderingen! Lees snel verder!

Binnenkort word ik 51 jaar. En al klinkt dat oud (is dat zo?), het is eigenlijk te jong voor Bob Evers.

Bobwie?

In het holst van een stormachtige nacht zitten Arie, Bob en Jan op een motortjalkschip, piekerend over een goudschat…

Bob Evers uit Amerika en zijn Nederlandse vrienden Arie Roos en Jan Prins, de hoofdpersonen in de spannende-boeken-serie van Willy van der Heide. De serie verscheen halverwege de vorige eeuw. Ook in mijn jeugd al belegen dus. Toch las ik de boeken helemaal stuk. Zo spannend!

De schat is ingepikt door een bende onder aanvoering van een man die zich ‘de kapitein’ noemt… 

Terug naar de douche.

Jachthaven Lunegat in Dokkumer Nieuwe Zijlen heeft een super sanitairgebouw, waar je met plezier een euro (ja zelfs wel twee) uitgeeft voor de douche. In dat heerlijk verwarmde gebouw staat ook een boekenkast. Je zet er een boek in en haalt er een boek uit. Geweldig systeem. En ja, je raadt het al, ik pakte:

Er volgt een klopjacht op de kapitein om de schat terug te veroveren. Dat lukt! ‘Wa… wat is dat?’ ‘Goud’, zegt Bob ongeduldig. ‘Wat dacht jij dat het was, jou zeekoe? Plutonium? Drop?’

Ik lees een stukje voor aan P. Die kijkt verstrooid op van z’n Volkskrant-puzzel en zegt ‘Ik ben toch de kapitein? Hij heeft duidelijk niet mee gekregen waar het over gaat. Ik schiet in de lach.

Pas maar op dat Arie, Bob en Jan niet achter jou aan gaan zitten, hier in de haven van Zoutkamp! Al had ik dat wel eens willen zien! 

Blog: Bruggen en geschrokken koeien

Blog: Bruggen en geschrokken koeien

We hebben vakantie en natuurlijk gaan we met de Canicula op stap. De weersvoorspelling is niet best, maar we nemen lange onderbroeken, dikke truien en handschoenen mee. Bovendien hebben we een kacheltje aan boord.

We laten ons door niets en niemand tegen houden!

Vandaag varen we van Bolsward naar Franeker. Het waait stevig. Vlak na Bolsward doemt een bruggetje op. We moeten het met een druk op de knop bedienen. Het is een smal vaartje, de wind blaast ons alle kanten op, maar P. stuurt vakkundig op de paal met de knop af en vervolgens de brug door.

Een zelfbedieningsbrug bij een boerderij even buiten Bolsward

De brug blijkt een voorbode van een tocht langs piepkleine smalle bruggetjes over even smalle vaartjes. Door Schettens, Arum, Achlum, Hitsum. Plaatsen waarvan we nooit hadden gehoord, maar die we nu nooit meer zullen vergeten. 

In Schettens gaat het bijna mis.

De smalle brug ligt in een bocht en de wind blaast ons er hard door heen. Gelukkig wordt alleen een fender gekraakt en verdwijnt mijn hartverzakking even snel als ie gekomen is.

Dit lieflijke bruggetje veroorzaakt bij mij een hartverzakking…
Zo te zien heeft niet elke boot een even goede schipper als de Canicula…

Er volgen in deze Arumer Feart nog vele bruggetjes. P. stuurt er vakbekwaam doorheen. Mijn hart blijft rustig door kloppen. 

Een prachtige brug in Witmarsum.

Ter hoogte van Hitsum wacht ons een verrassing. Nee, geen brug…

We veroorzaken ongewild een hoop opschudding.

De koeien in een naast het water gelegen weiland doen alsof ze nog nooit een boot hebben gezien – misschien is dat ook wel zo – en ze rennen enthousiast met ons mee. Het is een geweldig gezicht. 

Nieuwsgierige koeien in Hitsum.

Ik denk aan de maatschappelijke discussie over koeien in de wei. Een hele hoop veehouders houden de dieren graag op stal, waar ze een exact toegemeten hoeveelheid voer krijgen. Ze kunnen dan bovendien niet besmet raken met ziektes van het land. Dat snap ik. Maar de blije nieuwsgierigheid van de koeien in dat weiland bij Hitsum sterkt me in mijn mening: schepen horen in het water en koeien in de wei. 

En met het weer valt het tot dusverre best mee!

Blog=Bravo Lima Oscar Golf

Vandaag gaat P. naar Zwolle. 

Niet met de boot. Wel vóór de boot.

Hij gaat naar de Vamex. Voor het marifoon-examen. Pas als je dat hebt gehaald mag je communiceren met sluiswachters enzo. Niet dat het nodig is. De Canicula is te klein voor een verplichte marifoon. Maar het kan wel handig zijn.

Als je moederziel alleen voor een sluis ligt en geen idee hebt of ie wel of niet bediend wordt.

P. bestudeert daarom al wekenlang het lesboek en oefent proefexamens. 

 

Ik blijf dus thuis. Maar ik ga véél liever mee. Want thuis wacht een heel vervelend klusje….

Het houtwerk van de dakgoten moet schoon! Bah!

Vooral als je zo’n mooie, maar bewerkelijke dakgoot hebt als wij… Met heel veel tegenzin beklim ik de ladder. Op-en-neer, op-en-neer. Het houtwerk is zo vies dat ik na elke twee meter schoon poetswater moet halen. Heen-en-weer. Heen-en-weer.

Mijn chagrijn groeit met elke centimeter. Toch dwing ik mezelf door te gaan. Halverwege de goot passeer ik de leipeer.

Drie dagen geleden één witte bloesempracht, nu is ie alweer groen.

Als ik bij de boom ben aangekomen valt mijn oog op de uitgebloeide bloemetjes. 

Hele kleine peertjes! Mijn humeur wordt op slag beter. Op dat moment rinkelt m’n mobiel in mijn broekzak. In m’n haast ‘m op te nemen kukel ik bijna van de trap.

P. is geslaagd! Hoera!

Victor Romeo Oscar Lima India Juliett Kilo Papa Alfa Sierra Echo November  

In gewone mensentaal: vrolijk Pasen!

Blog: Edit-les en soep

Facebook heeft de gewoonte een jaar na dato jouw herinneringen te vermelden. Ze komen ongevraagd voorbij in je tijdlijn. Deze week had ik een herinnering die best belangrijk bleek. Want precies een jaar geleden begon ik met de vaarfilmpjes. Het eerste filmpje gewoon met de mobiele telefoon. In Sloten. Als ik ‘m terugkijk kan ik kiezen uit twee dingen:

  1. Ik ga me schamen
  2. Wat heb ik afgelopen jaar veel geleerd.

Ik kies voor het laatste. En ik ga door. Want ik wil nog veel beter worden. En vandaag is een bijzondere dag. Want ik krijg edit-les.

Van John. Ik kwam hem en zijn vrouw tegen op een feestje. John heeft veel verstand van het bewerken van videomateriaal.

Dus. Edit-les. Van een vakman.

Het gaat over inzoomen, snijshots, springers, logo’s en ondertitels. Lenzen, filters en camera’s. Maar ook: hoe maak ik een succes van de website. Na een uurtje of anderhalf geven mijn hersenen het signaal “system overload”. Tijd om weg te gaan. Op de terugweg heb ik een heleboel om over na te denken.

Een ernstige blik. M’n hersenen maken overuren…

Gelukkig ben ik naast werknemer, website-eigenaar, schrijver, filmer en editor ook nog gewoon de vrouw in huis. En wat doet de vrouw in huis als ze na wil denken?

Die maakt soep

En dus maakte ik soep. Een hele pan vol. Geen creatieve soep. Gewoon groentesoep.

Jullie merken vanzelf wat en of de soep wat op gang heeft gebracht….

Blog: De Marker Wadden, waterplanten en een hel van een tocht

Honderden mensen hebben afgelopen week hun stem uitgebracht op de Marker Wadden. Een leuke stunt van Natuurmonumenten, die iedereen op deze manier alvast de gelegenheid gaf een kijkje te nemen bij het nieuwe eilandenrijk op een paar kilometer afstand van de Houtribdijk, de weg tussen Lelystad en Enkhuizen. Wat mij betreft de mooiste weg van Nederland, maar dat even terzijde.

De Marker Wadden op een ontwerptekening van ©Vista. Op de achtergrond de Houtribdijk.

Maar waarom worden die eilanden eigenlijk aangelegd? Hier het verhaal van onze tijdelijke buurvrouw in de jachthaven van Muiden, afgelopen zomer. Ze was even voor ons met man en zoon aangekomen. We lagen nog maar net vast toen ze begon te vertellen. Want ze hadden die dag een hel van een tocht gehad.

Als redelijk onervaren bootjesmensen hebben wij vanuit Friesland nog nauwelijks het IJsselmeer bevaren. Even snel van Workum naar Hindeloopen, of iets verder, van Stavoren naar Makkum. Met mooi weer, niet te veel wind en veilig langs de kust. Natuurlijk lonkt de overkant. Doen we volgend jaar, beloofden we onszelf afgelopen zomer. Gaan we lekker van Lemmer naar Enkhuizen, via de sluis het Markermeer op. Dan op familiebezoek in Hoorn en daarna nog een visje eten in Volendam. Heerlijk toch?

Totdat we die dag in Muiden het verhaal van onze tijdelijke buren hoorden. Nuchtere Friezen uit Makkum. Ze hadden een nachtmerrie beleefd tijdens hun vaartocht van Volendam naar Muiden. Hun boot was steeds langzamer gaan varen, totdat ze nauwelijks meer vooruit te krijgen was. Een paar keer achteruit slaan hielp maar voor heel even.

Naast, voor en achter hen werden onbestuurbaar geworden boten weggesleept door reddingboten.

Die lagen alvast klaar om watersporters te hulp te schieten. Zelf slaagden ze er nog maar net in met een slakkengang en klotsende oksels Muiden te bereiken. De oorzaak: grote trossen waterplanten in schroef en roer.

Wat is er aan de hand? Met de aanleg van de Afsluitdijk en de Houtribdijk is de natuurlijke balans van het Markermeer verstoord. Daardoor zijn er bijna geen vissen en schelpdieren meer. Dat is niet goed voor de trekvogels, maar ook niet voor de waterkwaliteit van het Markermeer. Het water is namelijk zo schoon dat de zon er gemakkelijk doorheen schijnt en de waterplanten tegen de klippen op groeien.

[stextbox id=”info” defcaption=”true” shadow=”false”]Wat feiten op een rij:

  • De aanleg van de Marker Wadden kost 75 miljoen euro
  • Het gaat om vijf eilanden van samen 750 hectare
  • Het eerste eiland, dat bestemd is voor bezoekers, kost 50 miljoen euro
  • Daar komen een jachthaven, een wandelpad en een strand
  • De overige vier eilanden zijn voor de natuur
  • Mogelijk komen er in de toekomst nog drie eilandengroepen bij
[/stextbox]

Gelukkig zijn inmiddels maatregelen genomen om het water weer wat viezer en minder aantrekkelijk voor waterplanten te maken. Er zijn gaten in de dijk gemaakt om zouter water uit het IJsselmeer binnen te krijgen en de Marker Wadden worden aangelegd voor meer vogels en vooral ook meer vogelpoep. Die poep moet het water troebel maken, zodat de zon er minder gemakkelijk door heen schijnt.

Pleisterplaats Marker Wadden voor meer vogels en vooral meer vogelpoep. Foto: Straystone Fotografie.

Maar deze zomer wordt het nog niet beter. We spraken tijdens Boot Holland 2017 in Leeuwarden met een vertegenwoordiger van Toeristisch Enkhuizen. “Het Markermeer op? Niet doen!”, was zijn boodschap. Jammer. Het had ons juist zo leuk geleken om dit jaar met de Canicula op familiebezoek te gaan in Hoorn. Voor ons, en voor vele watersporters met ons, zou het mooi zijn als het Markermeer in 2018 weer veilig is om te bevaren en we de opening van de haven van de Marker Wadden per schip mee kunnen maken. Want wat ziet het er schitterend uit!

Foto: Holland Luchtfotografie.
De toekomstige haven van de Marker Wadden. Foto: Holland Luchtfotografie.
Marker Wadden geprojecteerd over Amsterdam. Tekening: ©Vista/Natuurmonumenten. Het eilandenrijk wordt 800 hectare groot.
Een historisch moment: een eerste stuk van de Marker Wadden komt boven water door opgespoten slib vanuit baggerschip Edax van Boskalis. Foto Marten van Dijl/Natuurmonumenten.
Een detail van bovenstaande foto, het opspuiten van het eerste stukje Marker Wadden. Foto: Marten van Dijl/Natuurmonumenten.