Wie is toch die man op die dijk?

Hebben jullie ‘m wel eens zien staan bovenop de zeedijk in Harlingen? Dat enorme beeld met die twee hoofden?

En heb je je ook wel eens afgevraagd: wie is toch die man op die dijk?

Dijkenbouwer of moordenaar?

Het beeld is neergezet uit dankbaarheid voor het herstel van de zeedijk, staat op een infobord onderaan de dijk. Voor kolonel Caspar di Robles, wiens ‘daadkrachtige aanpak van het dijkherstel na de Allerheiligenvloed hem tot de beroemdste dijkenbouwer van Friesland heeft gemaakt’.

Er past nooit veel tekst op zo’n bord. Het moet dus altijd kort. Maar dit is wel erg kort. Wat er ook niet op staat is dat Caspar di Robles verantwoordelijk was voor de moord op de halve bevolking van Dokkum.

Het Prinses Margrietkanaal heet hier ook wel Kolonelsdiep
Beetje vreemd

Daarover later meer. Want dit verhaal begint niet in Harlingen, maar op het Prinses Margrietkanaal. Daar blijken Pieter en ik al eerder ‘kennis’ te hebben gemaakt met de kolonel. Dat is als we tijdens een van onze eerste lange tochten over de Lauwers naar Gerkesklooster varen en zo het kanaal op. Op de waterkaart zie ik dat dit stukje water behalve ‘Prinses Margriet’ ook ‘Kolonelsdiep’ heet. Dat vind ik een beetje vreemd. We hebben in Nederland toch geen traditie om militaire rangen aan infrastructurele projecten te hangen?

De dikke lijn vormt het traject van het Kolonelsdiep. Afbeelding Friesche Volksalmanak 1891
Kolossaal monument

Kolonelsdiep. De naam blijft even hangen maar zakt daarna diep weg in mijn geheugen. Hij blijft daar lange tijd sluimeren en wordt pas weer wakker als we in Harlingen aanmeren. Daar staat op de Westerzeedijk dat kolossale monument, niet te missen zo groot. Een stijf gebeeldhouwd lichaam met twee hoofden. Op z’n voet komen we de naam van onze kolonel weer tegen. Hoog tijd om het verhaal van Di Robles te ontrafelen!

Hij is niet van adel en dus eigenlijk een soort burgermannetje, die Caspar di Robles. Hij schopt het tot stadhouder van Friesland, Drenthe en Groningen dankzij zijn moeder. Die is de min van de Spaanse kroonprins Philips II, waarmee Philips en Caspar ‘zoogbroeders’ zijn. Caspar, met z’n elf kinderen, moet een goede katholiek zijn geweest. Dankzij zijn vrouw wordt hij heer van het kasteel van Billy in Artesië. Jammer genoeg is er van dit kasteel geen afbeelding te vinden, ook niet van Caspar zelf. Het is dan ook wel erg lang geleden…

Waarom dat beeld?

We gaan terug naar de tijd dat Spanje heerst over de Lage Landen. Prins Willem van Oranje voert eerst vanuit Duitsland, later vanuit Delft het verzet aan tegen de Spaanse koning Philips II. Het is een roerige tijd. En alsof dat nog niet genoeg is worden de kusten van de zeeprovincies geteisterd door de ene stormvloed na de andere. Die van 1570 is de ergste. Tijdens een urenlange storm beuken de golven van de Allerheiligenvloed de dijken kapot. In Friesland en Groningen verdrinken zo’n drieduizend mensen.

Tijdens de Allerheiligenvloed hoefde je alleen de kerktorens te ontwijken om van Sneek naar Stavoren te kunnen varen. Afbeelding: Rijksmuseum
Scheve ogen

De zeedijk tussen Makkum en Het Bildt is zwaar getroffen. Twee groepen bewoners moeten hun portemonnee trekken bij schade, de buitendijkers en de binnendijkers. De buitendijkers wonen in het gebied dat bij een dijkdoorbraak meteen onderloopt, de binnendijkers houden hun voeten wat langer droog. Buitendijkers moeten daarom drie keer zoveel betalen. Dat levert natuurlijk scheve ogen op – zachtjes uitgedrukt.

Eigen helft

Uiteindelijk – na jarenlange ruzies met elkaar én met de overheid – krijgen de buiten- en de binnendijkers een eigen helft in onderhoud. Om dat te vieren wordt in 1576 midden op die dijk in Harlingen een kolossale grenspaal neergezet, naar verluidt geïnspireerd door de Romeinse goden Terminus en Janus. De eerste staat voor ‘grens’ en de tweede voor het ‘begin en het eind’. Janus wordt altijd afgebeeld met twee hoofden, vandaar dat er een dubbele kop bovenop die paal prijkt.

Tekening uit 1710. Afbeelding: Atlas Schoemaker. Koninklijke Bibliotheek
Verwarring

Tot zover nog geen link met Di Robles. Die zie je pas als je een stukje naar beneden kijkt. Want op de voet van het beeld hebben de Spaansgezinde initiatiefnemers de woorden laten schrijven die nu nog steeds zorgen voor een hoop verwarring. Op de steen staat dat het beeld is neergezet als dank aan kolonel Caspar di Robles vanwege zijn werk aan de dijk. Het lijkt uit de lucht te vallen. Waarom vinden ze het belangrijk Caspar di Robles te noemen?

Praalbeeld

Dat is nog steeds een raadsel. De meest waarschijnlijke verklaring is dat de initiatiefnemers in een goed blaadje bij de Spanjaarden willen komen met het ophemelen van stadhouder Di Robles. En dat lukt. Want hoewel de officiële naam van het beeld Terminus is, maakt de volksmond er Stenen Man van. En zoals dat vaker gaat, de grenspaal wordt in de hoofden van het volk al snel een praalbeeld ter ere van Caspar di Robles.

Voor wie wil weten wat er precies op de voet van de grenspaal staat, hier kun je de hele tekst lezen.

Zo stellen we ons de Spanjaarden uit die tijd voor, met rijk versierde kleren, een enorme kraag en een puntbaard. Dit is niet Caspar, maar de hertog van Parma, geschilderd door Otto van Veen (1556-1629)
Heldenverering

In de eeuwen na de plaatsing van de grenspaal op de Harlinger zeedijk ontstaat een mythe rond Di Robles die uitmondt in een soort heldenverering. Er worden dijken naar hem vernoemd, straten, een jaarlijkse zeezwemtocht, een scoutinggroep en niet te vergeten dat stukje kanaal tussen Briltil en het Bergumermeer. Een heleboel eer voor een man die niet eens in de buurt zou zijn geweest tijdens het herstel van de dijk.

De grootste verdienste van Caspar di Robles zou zijn dat hij het herstelwerk zo goed georganiseerd had dat de dijk in drie maanden klaar was. Hij zou zelfs een galg op de dijk hebben neergezet om werkweigeraars te straffen. Tegenwoordig wordt het hele verhaal hoogst onwaarschijnlijk geacht. Zie daarvoor ‘Een nieuwe kijk op Caspars dijk’ – Kees Draaisma (link onderaan pagina).

Watergeuzen

Want hoewel hij dus wel de naam krijgt als Frieslands beroemdste dijkenbouwer, is Caspar di Robles meestal ver weg als de boeren ploeterend met kruiwagen en schop de dijk op hoogte brengen. De watergeuzen, die vechten aan de kant van prins Willem van Oranje, spoken rond op de Zuiderzee en het kost de stadhouder vrijwel al z’n tijd om die uit Friesland en Groningen te weren.

Ter land houden de opstandelingen hem ook behoorlijk bezig. Vooral als Den Briel door de watergeuzen wordt veroverd op Spanje. De aanhangers van prins Willem worden overmoedig en Di Robles moet alles op alles zetten op de noordelijke steden in Spaanse handen te houden. Waaronder Dokkum.

De watergeuzen steken Spaanse schepen in brand bij Den Briel. Afbeelding: Rijksmuseum
Rovende soldaten

Want Dokkum ligt strategisch tussen Leeuwarden en Groningen én is bovendien een havenstad, reden genoeg voor stadhouder Di Robles om er uit voorzorg een paar honderd soldaten te legeren. Die soldaten krijgen niet betaald en moeten hun kostje dus bij elkaar roven. Geen wonder dat ze in Dokkum niet bepaald dol zijn op de huurlingen. Als Den Briel door de watergeuzen is veroverd, zien ook de geuzen en prinsgezinde burgers in het Noorden hun kans schoon en bezetten Dokkum. Dat loopt niet goed af.

Dokkum in 1572. Op 18 september van dat jaar werd de halve bevolking vermoord
De Ee rood van het bloed

Een groot deel van de bevolking kiest de kant van de aanhangers van prins Willem. De Spaanse soldaten worden uit ramen en vanaf daken bekogeld en zelfs beschoten. Di Robles is woedend op de inwoners van Dokkum. Hij trommelt honderden huurlingen op om Dokkum terug te veroveren en belooft z’n mannen dat ze de stad mogen plunderen. Bij de slachting die volgt worden zo’n vier- tot vijfhonderd Dokkumers wreed vermoord. Volgens de overlevering kleurt het water van de Ee, die dwars door Dokkum stroomt, rood van het bloed.

Hangend aan een paal

Boontje komt om z’n loontje: Di Robles laat zelf ook op een ellendige manier het leven. Jaren later wordt hij tijdens het beleg van Antwerpen getroffen door munitie uit een ‘mijnschip’: een schip dat door de aanhangers van Willem van Oranje is volgestopt met kettingen, stenen, ijzeren pinnen en vooral veel buskruit. De explosie is zo hevig dat het ‘was alsof de hel haar poorten opende’, aldus een ooggetuige. Di Robles, weggeslingerd en verpletterd (of andersom), wordt teruggevonden met z’n gouden ketting hangend aan een paal.

Maar hoe zat het nou met dat Kolonelsdiep tussen Briltil en het Bergumermeer?
Een van de schepen die door de opstandelingen wordt gebruikt om Antwerpen te ontzetten. Schilderij door Frans Hogenberg/Rijksmuseum
Terug naar het kanaal

Terug naar waar dit verhaal begon: op het Prinses Margrietkanaal. Omdat de watergeuzen de handelsvloot op zee bedreigen, laat Di Robles een vaart graven tussen Groningen en Friesland. De inwoners zijn er niet gelukkig mee. Het kanaal schopt hun afwatering in de war en ze zijn bovendien bang dat al het Friese water door de vaart naar Groningen stroomt. Toch blijft de vaart bestaan en krijgt het zelfs zijn naam. En wordt het Kolonelsdiep later, als Di Robles allang is vertrokken, een drukbevaren route, door binnenvaartschepen én pleziervaarders.

Waaronder wij dus.

Je doet bijzondere ontdekkingen als je de waterkaarten goed bekijkt…

Alles nog eens overlezende blijf ik het een vreemd verhaal vinden. Wel een monument ter herinnering aan Caspar di Robles maar niet voor de honderden vermoorde Dokkumers. Gek toch?

In deze video varen we van Bolsward naar Harlingen

Verantwoording:

Het leek een simpel klusje, maar gaandeweg bleek dat het verhaal van Caspar di Robles veel complexer was dan ik dacht toen ik ermee begon. Niet alleen ingewikkeld door kleine dingen, zoals het gegeven dat hij formeel pas stadhouder werd in 1573, dus ver na de Allerheiligenvloed en zich pas later min of meer met het herstel van de Harlinger zeedijk ging bezig houden. Ook de feiten en meningen over de kolonel bleken per bron verschillend.

En dan is het ook nog de vraag of de twee hoofden op de grenspaal beeltenissen zijn van Di Robles of een ‘gewone’ Januskop is. Een complicerende factor hier is dat het huidige beeld ook nog eens een replica uit 1774 is, met naar het schijnt weer andere hoofden dan de oorspronkelijke. Anyway: ik heb geprobeerd de grootste gemene deler aan te houden, maar als iemand het ergens niet mee eens is, dan nodig ik diegene van harte uit een reactie te plaatsen. 

Assen, mei 2021, Marieke Rosier

Bronnen: boek De Stenen Man – Dr. Ir. J. Sevenster / Canon van het Westerkwartier / Een nieuwe kijk op Caspars dijk – Kees Draaisma / boek Ooggetuigen van de vaderlandse geschiedenis – Geert Mak  / Historisch Nieuwsblad /

Attentie!

Moet je toevallig iets kopen bij Bol.com, doe dat dan via deze link. Dan krijgen wij een kleine commissie die we gebruiken om de website up-to-date te houden. Dank alvast!

Select 2021Select 2021
 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *